close
Menu

‘Nog voor de eerste slok, was de rolverdeling al beslist’

GroeNoord bestaat inmiddels bijna acht jaar. Dat het ontstaan is uit de samenvoeging van verschillende familiebedrijven, is iets wat de meeste klanten wel weten. De meeste váste klanten althans. GroeNoord is in de afgelopen acht jaar uitgebreid en er komen nieuwe klanten bij. Wat zien we nog terug van de familiebedrijven waaruit het GroeNoord van vandaag is ontstaan? We spreken twee van de drie mannen die destijds het besluit namen om hun door meerdere generaties opgebouwde familiebedrijven samen te voegen.

 

Erik Jansen, vertegenwoordiger veehouderij bij GroeNoord Dalen, nam in het Drentse Dalen Jansen & Meppelink over van zijn vader. En Menko Boersma, algemeen directeur GroeNoord, was de vierde generatie Boersma’s die in het familiebedrijf stapte in Zijldijk, in het noorden van Groningen. “De mensen vroegen zich in 2011 best wel eens af of dat goed zou komen; drie jongens die gingen samenwerken. En dan ook nog een Groninger en twee Drenten!”, vertelt Menko. “Maar vanaf het begin hadden we enorm vertrouwen in elkaar”. Ook Erik zegt dat het gelijk voelde als de enige juiste beslissing: “Menko kende ik nog niet zo goed, maar met Jos werkte ik al samen”. Jos Popken, van Mechanisatiebedrijf Popken uit Smilde, was de derde man aan tafel. “Ik weet nog waar we bij elkaar kwamen”, gaat Erik verder, “en dat we ook zo enorm gelachen hebben.” Menko beaamt: “Nog voor we onze eerste slok bier genomen hadden, was de rolverdeling al beslist.” 

 

Jansen & Meppelink

Mechanisatiebedrijf Jansen & Meppelink startte in 1989 in Dalen, nadat Henk Jansen en Derk Meppelink samen opstapten bij de firma Uildriks in Wachtum. Ze namen een aantal dealerschappen én het personeel mee. “Naast landbouwmachines hadden we melkmachines van Gascoigne. Toen de smid in Dalen, die installaties deed en er voor de hobby tuinartikelen bij had, zijn zaak wilde verkopen, hadden mijn vader en Derk wel interesse. Mechanisatie en installatie, dat vonden ze wel een mooie combinatie voor de boeren”. Jansen & Meppelink werd in korte tijd steeds groter, maar de klanten wisten op een gegeven moment niet meer waar ze voor welk product terecht konden. “Installatie, mechanisatie, melkmachines, tuinartikelen… Vanuit de visie van de klant was het logischer om een duidelijke scheiding in productaanbod aan te brengen. Een pand voor mechanisatie, een pand voor installatie, en dus moest er een pand bijkomen voor Tuin&Park”.

 

Burgemeerster

De sector tuin en park was in opkomst in die jaren en Jansen & Meppelink sprong daarop in met John Deere- en Stihl-machines in een mooi nieuw pand. “Het was 1998, ik kwam net van de MTS en mijn vader vroeg of het niet wat voor mij was om Tuin&Park op me te nemen. Toen ben ik in het bedrijf gestapt. Ik weet nog dat de burgemeester zei, toen hij het nieuwe pand opende: ‘wat wil je met zo’n groot pand?’. Maar wij hadden er geloof in. En dat kwam uit”.

 

In 2003 werd in goed overleg besloten om officieel op te splitsen: Derk Meppelink ging met zijn schoonzoon verder met Installatiebedrijf Jansen & Meppelink en vader Jansen en zoon Erik met Mechanisatie en Tuin&Park Jansen & Meppelink. De melkmachinerie werd afgestoten. “De jaren die volgden waren mooie jaren samen met mijn vader”, aldus Erik.

  

Boersma

In 1940 begonnen de broers Niek en Mente Boersma in Zijldijk met de handel en reparatie van landbouwmachines. De eerste machines waren zelfbinders en tractoren, en begin jaren ’60 kwamen daar persen en maaidorsers bij. “De maaidorsers waren toen in opkomst en de ontwikkeling van paard naar machine was natuurlijk enorm”. Menko kent de verhalen nog van zijn opa: “Het gebeurde gewoon dat de boer ‘Ho! Ho!’ tegen z’n machine riep om ‘m te doen stoppen!”. Boersma was in die tijd dé oogstmachine-specialist in de provincie Groningen.

 

“Toen mijn opa wilde stoppen, was opvolging in de familie nog niet mogelijk en heeft hij het bedrijf verkocht. Toch weten de meeste mensen niet eens dat de zaak een paar jaar uit de familie is geweest”, realiseert Menko zich. Menko’s vader en oom namen de zaak in 1994 over, toen het moederbedrijf Van Driel & Van Dorsten failliet ging. Deze tweede generatie Boersma-broers ging zich, met een nieuwe dealerovereenkomst van John Deere, richten op de tractoren. Als Menko gevraagd wordt of het vanzelfsprekend was dat ook hij zijn vader op zou volgen, blijkt dat niet het geval: “Dat zag mijn vader niet zitten. Hij had voor mij een andere toekomst voor ogen”, vertelt hij. “Maar als kind groeide ik er mee op en de techniek trok me. Ik heb op een gegeven moment gezegd dat als ik het ging doen, dat ik dan niet naast het bedrijf zou gaan wonen en meer dan één vestiging zou willen hebben”.

 

Pé Daalemmer en Rooie Rinus

Na zijn studie Technische Bedrijfskunde is Menko met een paar jongens naar Ghana gereden. “Ik kon er een tijdje aan de slag op het kantoor van een ananasplantage. Maar na een half jaar werd ik gevraagd om bedrijfsleider te worden. Ik ben toen naar Nederland gegaan om erover na te denken”. Terug in het hoge Noorden ging Menko de kroeg in. “Naar een fantastisch optreden van Pé Daalemmer en Rooie Rinus! Die avond vroeg oom Harry of ik wilde blijven. En ik zei ja. Samen met mijn broer Niek. En daarmee waren wij de derde generatie Boersma-broers in het bedrijf”, vertelt Menko. Niek bleek toch meer een Offshore-man te zijn en is niet lang in de landbouwwereld gebleven.

 

In 2010 bood de markt mogelijkheden voor het bedrijf Boersma om John Deere-dealer Everts in Groningen over te nemen. Dat bleek een logisch moment voor vader Boersma en oom Harry om de zaak over te doen aan Menko. “Zo kon ik direct mijn ambitie waarmaken om meer dan één vestiging te hebben. Het was een mooie overname, we waren dé landbouw-dealer van Groningen. Ik had het gevoel klaar te zijn voor de toekomst”. Maar toen belde Louis Nagel, de importeur van John Deere: John Deere beëindigde de relatie met de importeur en wilde toe naar enkele grotere dealers. En datzelfde telefoontje kregen Erik en Jos.

  

Samen

Zowel Menko als Erik vertellen dat ze op zoek gingen naar samenwerkingsmogelijkheden en dat overnames geen opties waren. En zo kwamen ze met elkaar in gesprek. “Als kleine dealer hadden wij geen andere keus dan om samen verder te gaan”, zegt Erik. “Maar mijn vader vond het groot en onoverzichtelijk worden. Hoewel hij eigenlijk nog niet wilde stoppen, was dit wel een logisch moment”. Maar dat was niet gemakkelijk. “Het bedrijf dat hij jarenlang had opgebouwd moest hij zo verlaten”. Erik vond het zelf ook moeilijk: “Ik had echt wat aan mijn vaders ondernemerschap. Hij had spirit en we konden goed met elkaar opschieten”.

 

“Mijn familie zag wel wat in deze samenwerking”, vertelt Menko. “Dankzij de succesvolle overname van Everts Groningen, was de familie positief kritisch. Maar ze hebben er ook wel even wakker van gelegen. Het was ook wel heel wat dat de familienaam zou verdwijnen”. Het jaar 2011 stond helemaal in teken van de samenvoeging. Bedrijfsadviseur Lolke Weegenaar heeft Jos, Erik en Menko hierin goed begeleidt vinden de mannen. “We hebben alle vijf de fases van Kübler-Ross [vijf fases van rouw: van ontkenning tot aanvaarding, red.] wel doorlopen denk ik”.

 

GroeNoord

2012 was het jaar van de implementatie van ‘GroeNoord’. Volgens beide mannen een naam die uiteindelijk uit Menko’s koker is gekomen. Menko werd algemeen directeur, Erik directeur Tuin&Park en Jos directeur landbouw. Aart Spriensma nam samen met zijn broers Michiel en Wilfried ook de stap om zich aan te sluiten bij GroeNoord. Loon- en Mechanisatiebedrijf Spriensma verkocht sinds 1998 vanuit Niehove en later vanuit Oldehove John Deere-machines. “Aart was best een piraat in het gebied van Menko. Hij was een welkome aanvulling en maakte ons team compleet”, aldus Erik.

 

Vertrouwen

Voor de klanten kwam het vertrouwen langzamerhand. “De klanten moesten eerst zien en ervaren dat het goed ging”, legt Menko uit. “Maar we zien dat het op alle fronten beter gaat sinds we samen zijn: de klanttevredenheid en medewerkerstevredenheid zijn verbeterd, ons marktaandeel en onze professionaliteit zijn omhoog gegaan. Alleen de winst is niet persé gestegen. En dat is in basis de instelling die we als familiebedrijven ook al hadden: eerst de medewerkers, dan de klanten en dan onszelf”. Erik is er ook van overtuigd dat hij geen betere stap had kunnen maken: “Als ik nu zie wat voor professioneel bedrijf we zijn; dat hadden we als Jansen & Meppelink nooit meer gekund”.

 

In 2015 is Erik gestopt als directeur Tuin&Park. “Ik wilde een nieuwe uitdaging en de techniek van de landbouw fascineerde me. Ik heb het er veel met mijn vader over gehad: ‘het is een ander soort mensen’, zei hij. Maar ik ken de regio goed en kom overal vrij makkelijk binnen. Dan zeggen ze: ‘hé, jij bent er één van Jansen!’. Maar ook bij onbekende klanten gaat dat prima. Het bevalt me erg goed. En ik weet natuurlijk dat het management in goede handen is”.

 

Toekomst

Erik en Menko zien beide een positieve toekomst voor GroeNoord. Erik: “De boeren hebben steeds professionelere en completere ondersteuning nodig en wij sluiten daar geweldig op aan”. GroeNoord profileert zich met een uitstekende service aan haar klanten. “Daar loopt GroeNoord in voorop. Ik verwacht heel veel van het FarmSight-concept”. Menko: “In GroeNoord zie je een combinatie van familiebedrijf-normen en -waarden en professionalisering. We zijn toekomstbestendig en onze ambities zijn niet ten einde”.

 

Familie

Nog een laatste vraag; hoe vinden de vaders dat hun zoons het nu doen? “Mijn vader vindt het geweldig!” zegt Erik enthousiast. “Hij is hier vaak en doet nog veel voor ons; hij heeft alle gps-masten hier in de omgeving opgezet bijvoorbeeld”. Menko: “De redenen die mijn vader vroeger had waarom hij níet wilde dat ik het bedrijf in zou gaan, die spelen nu niet meer. Ja, mijn ouders zijn wel trots. Ze wonen nog steeds naast de zaak en nemen de kleinkinderen geregeld even mee de werkplaats in…”. 

Advertising information